Van 't Hof & Co

Welcome to Van 't Hof & Co

Van 't Hof & Co - Welcome to Van 't Hof & Co

Wanneer komt de post aan?

Terug naar de verjaardagspost. Bijna iedereen schreef iets in de trant van: “Ik hoop dat deze kaart op tijd aankomt”. Ik kan me dat zo goed voorstellen, omdat ik me het omgekeerd ook vaak afvraag! (In aanvulling op “Komt de post uberhaupt wel aan?”) Het is altijd maar gokken met die post. Ik weet ook niet precies hoe lang de post er over doet, maar hier komt mijn ruwe schatting: meestal doet een brief of kaart er zo’n 10 dagen over, gebaseerd op een nauwkeurige inspectie van uitgelopen poststempels ;-) Maar ik heb ook al post gekregen die, aan het stempel te zien, al in 5 dagen hier was vanuit Nederland. Die had vast een (bijna) directe vlucht, haha! Pakketjes zijn vaak nog meer onvoorspelbaar – zo kreeg ik afgelopen week een pakketje dat volgens mijn grove schatting al ruim 6 weken onderweg was… Terwijl een ander pakketje vermoedelijk binnen 2 weken op de deurmat lag. Ik denk dat dat vooral komt door de douane.

Nog een grappige observatie over de post – pakketjes en grote pakketten worden hier gewoon buiten voor de deur gelegd. Zo vonden we enige tijd geleden al een bedframe voor de deur, werd onze voerdeur al gebarricadeerd door een babymatrasje en communiceert onze postbode persoonlijk met ons via briefjes op de deurmat en tussen de voordeur. We zijn al lang blij dat onze wijk bekend staat als heel veilig, want een groter uithangbord met “Halloooo… wij zijn NIET thuis…” is bijna niet mogelijk…

Ook heb ik me dagenlang afgevraagd hoe je hier post moet versturen. Brievenbussen zijn nauwelijks te vinden, lijken verdacht veel op afvalbakken, en zijn ook nog eens in hetzelfde blauw geschilderd als de boxen waarin wekelijks de lokale krant wordt verkocht. Er is een postkantoortje op UCSD maar dat is commercieel en dus betaal je driedubbel… En dat lijkt me overbodig. Toen ik Alan vroeg waar ik brieven kon posten, zei hij: “Hoezo? Gewoon? In de brievenbus?” Dus daar schoot ik ook niet veel mee op. Welkom, cultuurverschil nummer 532! Wat voor de een zo vanzelfsprekend is… ;-) Wat blijkt – je doet je post die je wilt versturen, in je eigen brievenbus. Ja, dat kennen we uit de films. Maar wat als je brievenbus geen rood vlaggetje heeft, dat je omhoog kunt zetten als je post te versturen hebt (zoals die van ons)? Daar brak ik dus al weken mijn hoofd over (en intussen bracht ik mijn post netjes naar UCSD).

Maar wat blijkt? De postbode is hier zo aardig om bij het brengen van de post ook meteen te kijken of jij post hebt achtergelaten om te versturen! En ik hoor je al denken; wat nou als je een paar dagen je post niet hebt geleegd? Nou, dan kijkt de postbode dus gewoon naar de adressen op de enveloppen. Als dat een ander adres is dan het adres van het huis waar zij dan is, dan is het kennelijk post voor iemand anders! En dus wordt het netjes meegenomen en voor je opgestuurd. Hoe handig!

In het verlengde hiervan – de postbode liet laatst een briefje achter met de vraag of we eten wilden doneren voor de lokale voedselbank. Stamps for food, wat een ironische titel eigenlijk, refererend aan food stamps… Maar goed, we konden het gewoon in een plastic zakje aan de brievenbus hangen. Zo gezegd zo gedaan en inderdaad – ‘s middags waren de blikjes tonijn, bonen, tomatensaus en de pakken pasta en rijst weg. Hopelijk heeft de postbode ze meegenomen…

Jarig!

Het is nu ruim 2 maanden geleden sinds we hier naartoe verhuisden. De tijd vliegt! Een paar dagen geleden vierde ik mijn verjaardag. Voor het eerst jarig in mijn nieuwe woonplaats*, voor het eerst jarig als moeder. En natuurlijk slechts een paar dagen na mijn eerste moederdag, in een nieuw huis. Wat een veranderingen allemaal. En deze twee speciale dagen boden natuurlijk voldoende aanleiding om eens terug te blikken…

Mijn verjaardag was fantastisch en raar tegelijk. Eigenlijk erg vergelijkbaar met elke dag hier, maar dan in een uitvergroting. Fantastisch omdat ik zoveel post kreeg uit Nederland. Al dagen vantevoren kreeg ik mijn eerste post, een knalgele brief vol stickers, die ik meteen herkende als van mijn lieve oma M.  Ik wist dat het verjaarspost was omdat ze met koeie-letters in de linker-bovenhoek “BIRTHDAY POST” had geschreven. Dat kon niet missen – de aanloop naar mijn verjaardag was begonnen! Toevallig kwam haar brief tegelijk aan met de brief van mijn andere lieve oma B. Wat bof ik toch met zulke geweldige oma’s! Het was alsof zij vanuit Nederland het startsein hadden gegeven, want vanaf die dag bracht onze postbode elke dag nieuwe enveloppen met bekend handschrift. Wat een feest! Elke envelop, elk pakketje ging op een stapel die elke dag groeide, de stapel “post te openen op mijn verjaardag”. Hoewel ik net als iedereen natuurlijk post kreeg op mijn verjaardag, voelde het nu extra speciaal – we zijn nog niet vergeten, zoveel mensen hebben aan ons gedacht!

Een fantastische dag was het, met een ritje naar Coronado beach, een wandeling op de boardwalk met uitzicht op de skyline van San Diego en frozen yoghurt (van Coldstone) in plaats van taart. Het was (voor San Diego begrippen) bitter koud, zo’n 15 graden met wind die het te koud maakt voor blote benen, en een grauwe lucht, waar ik ergens blij van werd omdat het leek alsof we even in Nederland waren (hoewel het op mijn verjaardag in Nederland meestal mooi weer was – maar ik hoorde al van velen van jullie dat het weer nu pet is – tijd om wat van ons mooie weer jullie kant op te sturen?). Het openen van alle post maakte me zo gelukkig! Ik kreeg fantastische kadootjes en gelukswensen, zo enorm lief hoe er brieven volgepend waren, het voelde even alsof ik met jullie allemaal aan de keukentafel zat. Jeempie, wat mis ik jullie!

Het is de afstand. Die maakt het raar. Gevoelsmatig dichtbij, maar psychologisch (en feitelijk) zo’n afstand! Natuurlijk weet ik dat we niet vergeten zijn, want waarom zouden onze familie en vrienden ons vergeten zijn terwijl ik elke dag aan ze denk? Toch is het meer dan dat. Hoe verder weg je bent, hoe meer je aan thuis denkt. Ik denk aan jullie. Ik denk aan de routines die we hadden, en die ik nu zo enorm mis. Ik denk aan onze poezen Ollie en Sam, die ik zo vreselijk mis. Ik denk aan de onmogelijkheid om ‘ even’  naar onze ouders te rijden, die toen slechts 1 tot 2 uur ver weg woonden, en naar vrienden die vaak nog dichterbij woonden… Toch leek dat toen ver weg, en er was te weinig tijd, of het kwam niet uit, of er was wel een andere reden om niet te gaan. En nu, nu IS het ver weg, 14 uur, op z’n minst. He, bah! Gelukkig zaten jullie op mijn verjaardag even allemaal aan mijn keukentafel…

En gelukkig is er Facebook en Skype. Via Skype sprak ik met mijn vader en moeder. Via Facebook kreeg ik tientallen felicitaties, en dat begon al ruim voordat mijn verjaardag hier in San Diego begon – omdat Nederland nu eenmaal 9 uur voorloopt! Dus voelde ik me al vanaf 16 mei 3 uur ‘s middags een beetje jarig. Dat was natuurlijk fantastisch!

Wat raar was, was dat het tijdsverschil er wel voor zorgde dat een aloude traditie opeens verdwenen was. Normaal gesproken zet ik elk jaar op mijn verjaardag mijn wekker op 07.27 uur ‘s ochtends. Dat geeft me een minuut om wakker te worden, zodat ik om 07.28 uur precies kan beseffen dat ik een X-aantal jaar eerder precies op dat moment het levenslicht zag. Ik vond dat altijd zo’n bijzondere traditie, dat ik mijn verjaardag aftrapte door dat moment een beetje te vieren, precies zoveel jaar later. Het leek me nog meer bijzonder nu ik zelf bij een geboorte was geweest, nu ik wist hoe het gaat als een kind wordt geboren (hoewel de romantiek me tegenviel zo op een operatiekamer tijdens een keizersnede, haha, maar toch – voor Tosca was het de start van haar leven en voor mij toen ook, en dus een oer-belangrijk moment). Maar hoe moet ik dat doen met tijdsverschil? Technisch gezien moet ik dus opeens een wekker zetten om 22.28 op 16 mei. Maar dat is natuurlijk raar. Ten eerste omdat ik dan waarschijnlijk nog wel wakker ben, dus geen wekker nodig heb (hee, grappig – wekker wakker wakker wekker! Wokker?) Ten tweede is het raar om je verjaardag te vieren op de 16e ‘s avonds als je al jaren jarig bent op 17 mei in de ochtend! Zeventien mei is zeventien mei, niet de zestiende. Maar als ik de wekker zet op 17 mei om 07.27 plaatselijke tijd, dan hou ik de boel natuurlijk ook voor de gek, want technisch gezien heb ik ‘het moment’  dan natuurlijk al lang gemist!

Waarschijnlijk vond ik het een te moeilijke keuze, want ik stelde ‘m uit tot ik wakker werd op 17 mei – een uur of 9 in de morgen… De rest van de dag heb ik spijt gehad dat ik er niet bij stil heb gestaan, op wat voor moment dan ook. En dus doe ik dat nu, met jullie, op dit blog – op dit moment is het 32 jaar, 3 dagen,  6 uur en 14 minuten geleden, dat ik geboren ben. Misschien is er een nieuwe traditie geboren…

Alhoewel, bij nader inzien is het eerder hoog tijd om nu weer naar bed te gaan… ;-)

Nog bijna een jaar om de knoop door te hakken – wat denken jullie?

Liefs, Nienke

*PS Ik besef opeens dat ik in 2009 ook al hier jarig was! Gek, ik kan me niet herinneren of ik toen om 07.28 wakker was… Ik weet wel dat Jops op mijn verjaardag op bezoek was, en dat we mijn verjaardag toen gevierd hebben bij de Wilson Creek Winery in Temecula. Toch voelde deze verjaardag anders – toen, in 2009, wist ik dat ik bijna naar huis zou gaan en dat mij bezoek aan San Diego zeer tijdelijk was – ik voelde mij toen behoorlijk ‘Nederlands’  jarig. Nu weet ik dat er nog tenminste 2 verjaardagen hier zullen volgen – tijd dus om een beslissing te maken over 07.28!! En hopelijk ook volgend jaar weer net zulke leuke verjaarspost en felicitaties uit Holland! Dank aan jullie allemaal!!!

Taal en gekkigheden… Deel 2!

Losse observaties van taal- en cultuurverschillen, deel 2.

Waarom zijn supermarktkarretjes hier allemaal 1,5 keer zo groot (oké, ligt voor de hand met al die gallon-4-literpakken drinken hier) en vooral…waarom zijn ze van plastic, terwijl ze in NL van staal zijn? Het meest originele antwoord wordt beloond ;-)

Een uitmuntend bewijs van de shopping mentaliteit (lees; gekte) van de Amerikanen; ze hebben hier zelfs een aparte ‘roltrap’ voor hun winkelwagentjes!!! Fotobewijs volgt!!!

Gek fenomeen – ik heb steeds meer moeite met het vinden van Nederlandse woorden. We zijn nauwelijks een maand van huis, maar al in de 2e week merkten Jops en ik dat het zoveel handiger en sneller was om in het Engels tegen elkaar te praten! We hadden ons nog ZO voorgenomen om echt Nederlands te blijven praten met elkaar voor Tosca en vonden dat voornemen zelfs een beetje overdreven, want waarom zou je ineens in een andere taal met elkaar gaan praten? Nu, slechts een paar weken later, betrappen we elkaar op zinnen als “Nien, nemen we dan hier de five south?” en “Nien, de cable guy komt morgen, ik moet nog even checken of ik hem moet tippen, en dan hebben we wireless. Oh en ik moet ook nog baseball tickets halen, hoop dat we front row kunnen zitten”. De mooiste tot nu toe; “Oh Jops, was het de gardner nog gelukt om met zijn truck in de alley te komen?” Kortom; lieve vrienden, wij hebben sinds vandaag wireless en laten we snel Skypen voordat Tosca een of ander slap aftreksel van Nederlands leert ;-)

Leuke verschillen in spreekwoorden tussen NL en de VS;
* Waar wij zeggen “trekken aan een dood dier” zijn de Amerikanen iets specifieker; “pulling a dead horse”
* Interessant alternatief voor “Twee vliegen in één klap slaan”: “Killing two birds with one stone”. Toch iets groffer, die Amerikanen ;-)

Nederlands vs. Amerikaans
Chaise longue =>;; Chaise lounge
Cabriolet =>;; Convertible
Cacao =>;; Cocoa

En tenslotte een positief vervolg op mijn voorgaande toilet-tirade;
Wat ik een erg fijn verschil met Nederland vind, is dat de toiletten hier overal niet alleen gratis zijn, in veelvoud aanwezig en vaak makkelijk te vinden, er overvloedig wc papier is, en ze veelvuldig worden schoongemaakt (zie deel 1 over de bacteriebange Amerikanen), maar dat er ook in alle toiletten warm stromend water is.
Warm! Dus geen ijspegeltjes meer of heldendaden om je handen enigszins schoon te krijgen na een bezoek aan een ijskoud smerig tankstationtoilet!!! Dat noem ik luxe!!! Nog een opvallend wc-feitje (nu we toch bezig zijn, ik kan hier dagen over doorgaan, haha); er is altijd een invalidetoilet dat groot genoeg is om samen met de kinderwagen in te gaan. REUZE handig als papa en mama tegelijk moeten plassen – dan neem ik gewoon de kinderwagen mee naar binnen! Maar wat de Amerikanen daarvan zouden zeggen… ;-)

En ten slotte;
We werden laatst door Amanda (afdelingshoofd van Education Studies bij UCSD (University of California, San Diego) en dus mijn baas) gewaarschuwd om Tosca niet uit het zicht te verliezen. Niet omdat ze eventueel gekidnapt zou kunnen worden, welnee! Nee hoor! Waarom dan wel? Omdat we anders gearresteerd en aangeklaagd kunnen worden voor child abandonment en neglect!! Echt waar!!! Blijkbaar wordt daar erg op gelet hier… Het lijkt me toch dat er ergere dingen zijn dan de kinderwagen even een paar meter verder te laten staan in de supermarkt, binnen het zicht en (zoals sommigen zouden zeggen maar raar in deze context) binnen spuugafstand?!! Maar nee, volgens onze Amerikaanse vrienden kunnen we dit maar beter serieus nemen… Dus dat doen we dan maar. Sinds een dikke week voel ik me zowat met virtuele gom vastgeplakt aan de kinderwagen ;-) Wordt vervolgd!

Slapen in plastic…

We moeten wellicht alweer op zoek naar een nieuw matrasje voor Tosca… Na wat onderzoek bleken alle Amerikaanse kindermatrasjes bedekt met een dikke laag plastic, net zoals in het ziekenhuis of, zoals velen van jullie van orkesttournees en -repetitieweekenden zullen weten te herinneren, zoals in jeugdherbergen. Erg hygiënisch dus (denk weer aan de bacteriebange Amerikanen) en makkelijk schoon te maken, maar ook erg slecht ventilerend. Het idee van een slecht ademend matras stond me erg tegen, vooral omdat Tosca het net als ik snel warm heeft. Maar er leek niets anders te koop, en als alle kinderen hierop slapen, dan zal het wel goed zijn, toch? Ook heb ik de matras uitgezocht die overal lovende reviews kreeg, erg populair is en niet de goedkoopste is. Genoeg onderzoek gedaan dus. Na een paar nachten constateerden we dat het toch echt verschrikkelijk is; Tosca zweet zich kapot, zelfs onder een lakentje bij een kamertemperatuur van 17 graden! Ik snap niet dat dit Amerika’s meest populaire kindermatrasje is! Gaat schoonmaakgemak dan echt boven een goede nachtrust en comfort? En echt hygiënisch lijkt het me toch ook niet, badend in het zweet slapen… Snel maar weer op zoek naar een ander matrasje…

Een zelfde beleving hadden we met ons nieuwe beddengoed. In Nederland keek ik nooit naar het materiaal waar beddengoed van was gemaakt. Dat is toch altijd katoen, nietwaar? Ook hier lette ik dus niet op en ging voor de goedkoopste set van deken plus 2 lakens plus kussenslopen. 60 dollar, prachtige deal; ik koop er meteen twee! Thuis de set meteen in de wasmachine en aansluitend in de droger. Zo zacht als de deken (in het Engels heeft deze de prachtige naam ‘comforter’) de droger inging, zo hard en kreukelig kwam hij eruit. Wat bleek; 100 % polyester dat half gesmolten was in de droger en weer keihard opdroogde!!! Argh! Wie wil er nu onder en op plastic slapen?!! Gekke Amerikanen!!!

Na enkele nachten hebben we besloten om deze sets maar even te blijven gebruiken – een goede set is erg duur want veelal van ‘Egyptian cotton’, katoen is echt een luxeproduct dus. Je kunt zelfs kiezen tussen 2 soorten kwaliteit: 200 en 400 count thread… Keuzes keuzes keuzes… Voorlopig voor ons nog even plastic, voor Tosca hopelijk snel iets beters!

Taal en gekkigheden… Deel 3!

Zouden Amerikanen meer respect hebben voor hemelse fenomenen zoals de maan en de seizoenen? Waarom schrijven ze deze anders (veel vaker dan wij) met een hoofdletter? Bijvoorbeeld; Spring, Summer, Fall (Autumn hoor je hier zelden, is vaker een meisjesnaam), Winter, the Moon, alle maanden met een hoofdletter… Wie weet waarom mag het zeggen!

Nog een raar iets – alle maten zijn hier BIJZONDER irritant en onhandig!!! Waarom gebruikt Amerika een ander systeem dan het superlogische metrieke stelsel dat wij gebruiken?! Laat me het proberen uit te leggen… Wij gebruiken de meter als maat voor zowel lengte als oppervlakte én inhoud. Makkelijk om te rekenen tussen deze drie, die immers aan elkaar gerelateerd zijn. Ook hebben we makkelijke afspraken over eenheden die kleiner en groter zijn: 1 meter = 10 dm = 100 cm = 1000 mm. En natuurlijk de andere kant op (decameter, hectometer, kilometer, etc.). Ook met gewicht kunnen we makkelijk rekenen; ook daar gaan de eenheden in stapjes van 10 en we gebruiken zelfs dezelfde voorvoegsels (mili-gram, kilo-gram, etc.). Tot zover bekend, en deze maten zitten ook echt in ons ‘systeem’ – we weten niet beter en het rekenen gaat vanzelf. Totdat je hier komt…

De Amerikanen gebruiken een ander systeem, dat berust op geschiedenis en daarom ook wel het traditionele systeem wordt genoemd (of soms heel dominant het ‘customary system’, haha!). Zij rekenen afstand in inches, feet, yards en miles. Een inch is ongeveer 2,54 cm. En nu komt het; het omrekenen tussen deze maten is een RAMP! 12 inch = 1 feet. 3 feet = 1 yard. 1760 yard = 1 mile… Dus onze Europese intuïtie werkt hier totaal niet. Ik wilde laatst lint kopen voor Tosca’s kamer. Ik had bedacht dat 2 meter genoeg zou zijn en had dat in mijn hoofd omgerekend naar feet (dat is redelijk te doen, 1 m is ongeveer 3,3 feet). Goed, 6,6 feet dus. Was ik in de winkel, stond er op de rol lint die ik wilde kopen “118 inches”… Weet ik veel of dat voldoende is?!!! Gelukkig heb ik een iPhone op zak die me kan vertellen dat 118 inch genoeg is voor mijn projectje… Maar onhandig is het wel!
En dan de inhoud. Vloeistoffen gaan in fluid ounces (fl.oz), cups, pints, quarts en gallons. Een gallon is ongeveer 4 liter. Gaan we weer: 1 gallon = 4 quarts (best logisch, dus een quart is ongeveer een liter). 1 quart = 2 pints = 4 cups = 32 fl.oz. Voor een recept heb ik 6 fl.oz. water nodig. Je wilt niet weten hoe lang het duurde voordat ik enigszins een gevoel had bij hoeveel 6 fl.oz. ongeveer was (om het jullie te besparen, één fl.oz. is ongeveer 30 ml, haha). Oja, en in gewicht is 1 pond iets meer dan 1 pound (afkorting ‘lb’, lekker logisch), want 1 pound = 0,45 kg = 16 ounces… Zucht, volgens mij ga ik hier nooit aan wennen ;-)

En dan heb ik het nog niet eens gehad over het schrijven van een datum. Stel, je hebt een meeting op 5/11/12. Alle tijd, dat duurt nog dik 6 maanden, denken wij. Fout! Amerikanen draaien dag en maand om, dus dit is 11 mei! Ook schrijven ze zelden een 0 in de maand, zoals wij 11/05/2012 zouden schrijven. Ik ben op mijn werk dus super alert, want een fout is snel gemaakt! En als iemand e-mailt; “Let’s meet at 8″, dan vraag ik soms ter verduidelijking “Morning (AM) of evening (PM)?” Amerikanen gebruiken AM en PM en niet zoals wij een 24-uurs klok. Genoeg om aan te wennen dus ;-)

Hier tenslotte nog een leuke grafiek over deze verschillen tussen Amerika en de rest van de wereld – q.e.d. ;-)

20120423-080051.jpg

Taal en andere Amerikaanse gekkigheden

Losse observaties van taal- en cultuurverschillen, deel 1.

Ik vind het erg leuk om de verschillen tussen de Amerikaanse en Nederlandse cultuur te zien. Veel herinner ik me nog van de vorige keer dat ik hier was. Bij deze het begin van (hopelijk) een serie van interessante cultuurverschillen die mij zo als nieuwe tijdelijke immigrant opvallen.

Vergelijk het Nederlandse ‘brandweerman’ met ‘San Diego Firefighter’… Ik vind dat ‘firefighter’ een stuk indrukwekkender klinkt! Daarom pleit ik ervoor dat wij onze brandweermannen en -vrouwen voortaan ook ‘vuurvechters’ noemen. Inclusief hun standplaats. Want zeg nou zelf, wat klinkt er gaver dan Metslawierster vuurvechters?!!

Amerikanen zijn behoorlijk ‘germofoob’, oftewel, bacteriebang. Ik verbaas mij dagelijks over de meest gekke plekken waar je ontsmettingsmiddel tegenkomt. Op bijna elke hoek in openbare gebouwen (vliegveld, universiteit) vind je een pilaar met desinfecteergel voor je handen. Op bijna elk toilet hangt een doos met wegwerp papieren beschermhoezen voor op de toiletbril, die je na gebruik in de wc gooit. Een snelle ronde langs mijn meestal erg ‘normale’ Amerikaanse vrienden leert dat je deze ook ECHT gebruikt, want ieuw – wie heeft er wel niet allemaal op die wc gezeten?!!! Op een openbaar toilet (overal behalve thuis) spoel je bij voorbaat door met je voet de spoelknop over te halen (wat vaak heel wat oefening, rare capriolen en evenwicht vergt). In de supermarkt zorg je toch vooral dat de duwstang van je karretje schoon en bacterievrij is door deze af te nemen met speciaal aangeboden gedesinfecteerde doekjes (wipes). Je zet je tas nooit op de grond en bij voorbaat ook niet op een (openbaar) bankje naast je. En als het even kan, heb je zelf altijd desinfecterende gel of wipes bij je. Verbazingwekkend goed zijn hier de schoonmaakmiddelen; waar ik in Nederland altijd dacht dat de reclamefilmpjes de schoonmaak- of waskracht van bepaalde producten nogal eens overdreef, is het hier wel degelijk een kwestie van sprayen en afnemen en het blinkt! Echt waar, het is ‘amazing’ ;-) Waarschijnlijk ook vanwege de chemische troep die (terecht) in Nederland niet verkocht mag worden…

De enige bevolkingsgroep die mij in al deze bacteriebange gekte nog meer verbaast, zijn de Aziaten – sommigen van hen lopen permanent met mondkapjes. Ik vraag me altijd af – wat zouden de bacteriën hiervan denken? Volgens mij lachen ze zich suf! Zou het nou echt bacteriën tegenhouden en belangrijker, word je er minder snel ziek van?

Als nieuwe moeder probeer ik me maar niet gek te laten maken over wat dit allemaal voor Tosca kan betekenen en ga ik voor het oerHollandse motto ‘What doesn’t kill you makes you stronger’… Ook vraag ik me af waarvoor ik nu banger moet zijn, de bacteriën of de zeer chemische/giftige schoonmaakmiddelen, zeker nu Tosca steeds vaker alles wat ze te pakken krijgt in haar mond stopt en likt… Dus niet teveel nadenken en gewoon gezond verstand volgen. Al denk ik dat die wegwerp-toilethoezen nog zo slecht niet zijn, sinds ik een hele vieze zwerver uit een openbaar toilet zag komen…

Ojee, help, we zijn er!

Ooh… Help! Wat nu?
We hadden natuurlijk duizend lijstjes, planningen en zelfs een heus project bord op onze keukendeur met alles dat we moesten regelen in Nederland… Alles georganiseerd, volkomen doordacht en met militaire precisie uitgevoerd… Gebuffeld, geploeterd, doorbijten, volhouden, bellen, nogmaals bellen, nog meer bellen, doorgaan, doordenken, e-mailen, nog meer e-mailen, plannen, nog meer plannen, checken, dubbel check, triple check…

En opeens zijn we er er!!! Dat is zo onwerkelijk! En nog erger – we hebben geen lijstjes! Geen to-do’s, geen plannen, geen project bord om ons te vertellen wat we moeten doen… Ooh… HELP! ;-)

Maar gelukkig is er de jetlag ;-) Dus om je een indruk te geven van de dingen die je als verse net-gearriveerde expat moet regelen, en dus de gedachten die mij nu wakker houden om 5 uur ‘s morgens, volgt hier onze to-do list voor de komende dagen ;-)

To-do 1 is telefoons regelen, want die hebben we nodig om (goedkoper) makelaars te kunnen bellen om huizen te bezichtigen. CHECK! Gisteren hebben we ons ruim 4 uur lang in de Verizon winkel uitgebreid laten informeren over telefoons en bellen in de VS. Het werkt hier allemaal iets anders (en is flink duurder) dan in Nederland – zo betaal je niet alleen voor je uitgaande gesprekken en sms’jes, maar ook voor al het inkomende verkeer. Dat betekent dus dat als Alan mij 5 minuten belt, er 5 minuten van zijn bundel afgaan, maar ook van de mijne! Opletten dus, want de minuten die je koopt, moet je dus eigenlijk grofweg door 2 delen. Basisabonnement voor een family pack waarbij Jops en ik samen 2000 minuten te verdelen hebben, kost 100 dollar. Maar daarbij krijg je dan weer gratis bij: bellen in de VS tussen 9 uur ‘s avonds en 6 uur ‘s morgens, in het weekend en tussen Verizon nummers altijd en onbeperkt (dus tussen ons onderling en met Lisa en Jerry), en gratis bellen naar tien zelf te kiezen niet-Verizon Friends&Family nummers. Daar komt dan nog 10 dollar p.p. bij voor 1000 sms’jes (eigenlijk dus 500 maar nogsteeds megaveel), plus 30 dollar p.p. voor 2 Gb mobiel internet (dat kan hier niet meer onbeperkt). Dan ook nog 20 dollar voor een derde (wireless en dus verhuisbare) thuislijn, handig voor het Nederlandse thuisfront dat wellicht niet altijd Skype open heeft staan en waarnaar we ook altijd gratis kunnen bellen. Totale maandelijkse kosten dus 200 dollar. Oja, plus nog 2 nieuwe telefoons van samen 500 dollar want Verizon werkt niet met simkaarten in iPhones (en we wilden ook graag
nieuwe, maar dat is natuurlijk geen reden) en screenprotectors en een hip beschermhoesje voor mij, omdat ik, zoals je weet, altijd mijn telefoon laat kletteren… Gewoon even testen of de zwaartekracht het nog doet, zeg ik dan altijd maar als Jops weer diep zucht (hetzelfde probleem heb ik trouwens met de afstandsbediening, meer mensen die dit herkennen?).

Na wat geharrewar over een deposit van 1200 dollar omdat we buitenlanders zijn (‘krijg je over een jaar weer terug’, ja daaaaag!), een borgstelling door Lisa en Jerry (de schatten) en de bijgevoegde tax (oeps, vergeten, dat zit nog ZO niet in ons systeem), krijgen we gelukkig 20% korting van Caterpillar, Jerry’s werkgever, omdat we nu onder zijn contract zijn ingeschreven. Via UCSD zou ik 18% korting hebben gekregen, ook niet verkeerd! Weer een les – altijd vragen of je korting kunt krijgen via je werkgever of je zorgverzekering… Uiteindelijk lopen we met drie telefoons, een stuk lichtere portemonnee, een hoofd vol informatie over hoe het goedkoopst te bellen, en zeer hongerig om 20.45 de winkel uit. Leve de enorm ruime openingstijden in de VS! To-do 1 gedaan!

Voor de komende dagen heb ik op mijn gloednieuwe telefoon de volgende to-do’s opgeschreven;
* makelaars bellen om bezichtigingen te plannen
* huizen zoeken en alvast langs wat favorieten rijden om een idee van de buurt te krijgen
* boodschappen doen: nieuwe melk voor Tosca, babyhoedje, bijtring (de uit NL meegenomen bijtring zit nog in de verscheepte doos die bij Alan staat, slechte planning, haha)
* zodra we een huis hebben, alle vaste dingen regelen (internet, tv, gaswaterlicht, in die volgorde van belangrijkheid natuurlijk)
* daarna tv en meubilair aanschaffen dus sneupen in zogenaamde thrift stores (kringloopwinkels). Ook niet onbelangrijk; babykamer (in ieder geval het matrasje) en goed bed voor onszelf nieuw kopen
* melden bij UCSD International Office voor verplichte introductiebijeenkomst en reistoestemming (anders komen we het land niet meer in als we straks naar Vancouver gaan)
* aanmelden bij kinderopvang in geval van wachtlijsten
* auto (‘s) kopen
* laptop kopen
* nieuwe bankrekening openen
* abonnementen op de San Diego Zoo aanschaffen
* verscheepte dozen ophalen bij Alan en Bettina
* adreswijzigingen doorgeven in Nederland (aan wie is natuurlijk goed bijgehouden en gedocumenteerd in Googledocs)
* verzekeringen checken en evt. aanvullen
* blog bijhouden – CHECK!

Je ziet – genoeg te doen!! En met het werken aan die laatste to-do is het inmiddels alweer 7.54 geworden en tijd om op te staan – ik hoor Tosca al smakken, die heeft wel trek in een flesje! Ik zal er maar gauw uitgaan. Lots to do!

Dus daar gaan we weer… Bellen, nogmaals bellen, nog meer bellen, e-mailen, nog meer e-mailen, plannen, nog meer plannen, checken, dubbel check, triple check… ;-)

Jippie, we zijn er!

Jippie, we zijn er!

Het is nu 3.14 ‘s nachts en ik ben klaarwakker. Jetlag! Ze zeggen dat westwaarts vliegen (dus naar de VS) veel minder last geeft dan oostwaarts (terug naar Europa), maar dat geldt helaas niet voor mij! Mijn rommelende maag geeft aan dat het allang etenstijd is, mijn hoofd draait op volle toeren en ik probeer krampachtig een steeds groeiend aantal to-do’s te onthouden, wat natuurlijk niet lukt – dan maar mijn telefoon erbij en lijstjes maken. Lijstjes lijstjes lijstjes – daar kan ik een heel blog mee vullen, maar dat doe ik later ;-)

Eerst maar iets over onze reis. We werden afgelopen zondag om 8 uur ‘s morgens opgehaald door Maarten en Marjon. Tosca en ik stapten in bij Marjon met de helft van de bagage, Jops en Maarten gingen samen met de andere helft in onze auto. Totale vracht; 6 verhuisdozen vooruitgestuurd met luchtvracht, 4 supervolle koffers inchecken, en flink sjoemelen met de handbagage, namelijk een laptoptas, maxicosi en luiertas voor Jops en een
handtas, zware trolley en viool voor mij. Oja, en Tosca in de draagzak op mijn buik. Hoe we dat ooit allemaal mee zouden kunnen nemen… Maar ja, wie A zegt… moet de tassen sjouwen!

Op Schiphol kwam Koen ons uitzwaaien. We moesten nog even snel een extra koffer kopen (leve de HEMA op Schiphol) want onze provisorisch bijeengebonden boodschappentassen vol met “dit past er echt niet meer bij maar moet echt wel mee”-spulletjes leken bij nader inzien toch niet echt bestand tegen het gooi- en smijtwerk van de bagage-afhandeling. Na een toch wel emotioneel afscheid (je kunt je nog zo voornemen om niet te huilen, maar ja) gingen we vlug door de douane.

De eerste vlucht naar Reykjavik was super. Door een vriendelijke steward werden we geüpgrade naar Economy Comfort, kregen een extra stoel voor Tosca en de maxicosi, meer beenruimte, en zelfs een gratis maaltijd en entertainment, wat de Economy niet had! Wat een geluk! De 3,5 uur vlogen voorbij, Tosca viel als een blok in slaap en ook ik sliep zelfs een beetje. De volgende vlucht naar Seattle was een stuk langer dan wij dachten (8 uur ipv 5, maar ja dat was dan ook een wilde schatting gebaseerd op mijn onderontwikkeld inschattingsvermogen van de afstanden in de VS…). We zaten dit keer ‘slechts’ Economy, maar kregen wel een extra stoel voor de maxicosi (jeuh!), entertainment was gratis (en zeer uitgebreid) en voor een klein prijsje kochten we een lekkere warme Kip Tandoori maaltijd met een mini-naan (bijna te schattig om op te eten) en raita. Jummie!

Aangekomen in de VS waren we voorbereid op de douane; we wisten de volgorde precies (papieren bij de hand en zeer zorgvuldig ingevuld, vragen beantwoorden bij douane deel 1, koffers van de band, door de douane deel 2, koffers weer op een nieuwe band, en hop naar de nieuwe gate) en hadden al opgezocht welke gate we moesten hebben voor onze volgende (nogal krappe) aansluiting naar San Diego. Tijd om over te stappen: 2.15 uur, krap, maar vast te doen omdat Seattle niet zo’n enorme drukke internationale luchthaven is… Dachten we…

En toen stonden we in de rij… De verkeerde rij… De langzaamste rij… De rij met slechts 1 douane-beambte terwijl de andere rij er 3 had (zagen we te laat)… De rij met honderden passagiers van drie Boeings uit Londen, Reykjavik en Seoul… De rij waarin een Koreaan dacht dat je, ondanks alle ‘No Phones, No Pictures’ best wel een foto mocht maken van de douane-beambten… De rij die vervolgens helemaal stokte omdat die enige douane-beambte dus haar hokje uitkwam om hem fiks toe te spreken en zijn foto te wissen (hetzelfde dat Koen trouwens overkwam om Schiphol, haha gelukkig stond hij toen niet in onze rij!)… Maar na een dik uur, na flink wat peentjes zweten van mijn kant en veel geruststellende woorden van Jops, werd er eindelijk precies voor onze neus een nieuwe rij geopend!!! Wat een geluk!!! Deze douane-beambte was een vriendelijke jonge man die begreep dat ik het stiekem helemaal zat was in die warme hal met Tosca op mijn buik en onze vele handbagage ;-) We kregen geen extra vragen en konden na de verplichte vingerafdrukken (gelukkig niet van Tosca) en foto’s snel door.

En toen… Had een vriendelijke mevrouw onze koffers al van de band gehaald en bij elkaar gezet! Snel onze oversize kinderwagentas van een andere band halen, alles op 2 wagentjes, haasten door de douane, gelukkig geen extra controle, alles 20 meter verder weer afgeven (ik snap nog steeds niet waarom), op zoek naar de C-gates, 2 keer overstappen op verschillende shuttles, klein stukje lopen (pfioew, soms kunnen die luchthavens een doolhof zijn maar dat viel heel erg mee), en toen hadden we nog net genoeg tijd voor de wc! Maar wat waren we blij, we hadden het gehaald!!!

De laatste vlucht naar San Diego was de kortste (2,5 uur), maar duurde gevoelsmatig het langst. Vooral de laatste 25 minuten leken wel lichtjaren! Dit kwam natuurlijk deels doordat deze vlucht afgeladen vol was en we een stuk minder comfortabel zaten
dan ervoor. Tosca moest op schoot (leve de draagzak!), maar ze hield zich groot net als tijdens de vorige vluchten, huilde nauwelijks (behalve toen we haar hoofd stootten aan de harde stoelleuning, au! Sorry lieverd!), dronk goed en liet zich gewillig verschonen op de meest rare plekken in de meest onhandige houdingen… We waren zo trots op haar en hoe ze alles heeft doorstaan!

In San Diego werden we superwarm onthaald door Lisa, mijn hospita van 3 jaar geleden, en haar man Jerry. We brengen de eerste tijd bij hen door, totdat we zelf iets hebben gevonden. Ook Alan, mijn prof in San Diego, en zijn vrouw Bettina kwamen ons verwelkomen, en wel op een hele speciale manier; we werden daadwerkelijk in een tropisch paradijs onthaald! We voelden ons meteen zo welkom en thuis, en dat was heerlijk!

Na het ophalen van onze huur-SUV konden we dan eindelijk na een lange reis van ruim 23 uur op naar ons nieuwe tijdelijke huis! Natuurlijk zaten we vol verhalen en emoties, en pas na uitgebreide midnight snacks en het eerste bijkletsen met Lisa en Jerry kropen we om 1.45 ‘s nachts lokale tijd ons bedje in. Het was toen 9.45 ‘s morgens in Nederland. Ik kon het nog maar nauwelijks geloven, maar we zijn er echt!!! Morgen weer een dag… Zzz…

Twilight zone…

Het is duidelijk: wij zitten in de twilight zone…

Het is een heel raar gevoel. Alsof ik langzaam maar zeker “ontwortel”. Ik betrap mezelf erop dat ik in stilte afscheid neem van ons huis en de tuin: van de appelboom die ons vaak ruim 10 kilo appels gaf, van het hardhouten terras dat Jops met vrienden met veel moeite heeft gebouwd, van de tuinlichtjes waarvoor we ooit een 9 meter lange, 50 cm diepe sleuf groeven in de zware onwelwillende Utrechtse klei met 2 schamele schoppen en bijbehorende voetenpijn als gevolg…

Ik zeg ‘dag’ tegen de paarse muur, mijn favoriete paarse muur, waarvan ik de kleur ruim 6 jaar geleden zo zorgvuldig uitkoos, ‘dag’ tegen de (natuurlijk bij de vloer gematchte) beige IKEA bank en stoeltjes die we via Marktplaats verkochten aan iemand die erop hopelijk net zo lekker in slaap zal vallen als ik, vaak met de tv nog aan en de katjes op de rugleuning… Ik geniet nog even extra van de bebloemde muur, waarvoor m’n vader en Jops speciaal de muur stucten – er moest en zou dit behang op de muur, en dat kan natuurlijk niet op spachtelputz… Elke dag komen er mensen langs om spulletjes op te halen die we verkochten via Marktplaats, en het huis wordt leger en leger. Dag slaapbank, bedankt voor je korte maar goede dienst… Dag spiegel waarin ik mijn trouwjurk wel tien keer controleerde op ‘de dag’… Tot ziens bureau, wat fijn dat je me zo ondersteund hebt tijdens het nachtbraken om mijn proefschrift te perfectioneren…

In gedachten en in stilte zeg ik alles gedag en neem afscheid van de wereld om me heen. En eerlijk gezegd, ik word er verdrietig van. Ons hele leven in dozen, dozen, dozen… Alle meubels waar we zo aan gehecht zijn geraakt, alles gaat weg naar nieuwe eigenaren. Hopelijk zijn zij er net zo gelukkig mee als wij. Een snelle gedachte die een poging doet de pijn te verzachten: “Gelukkig kan Tosca in haar babykamertje blijven tot de dag dat we verhuizen”… maar het helpt weinig. Het voelt alsof… tsja, hoe omschrijf je dat? Nou ja, we hebben het maar de ‘twilight zone’ gedoopt – ons thuis brokkelt langzaam af, ons nieuwe thuis nog onbekend, een erg unheimisch gevoel. De twilight zone, de schemering.

Jops speelt nog een laatste deuntje op de piano, het liedje waar ik zo van hou en deze keer extra emotioneel van raak door de dubbele betekenis die het opeens krijgt: “Right here waiting for you”… En opeens, opeens word ik blij! Dit keer ga ik niet alleen, dit keer hoeft Jops niet op mij te wachten! In tegenstelling tot mijn grote reis naar San Diego in 2009 gaat hij dit keer mee! En niet alleen Jops – ook onze lieve Tosca is ons leven gekomen en gaat met ons mee! Wat een geluk. Het verdriet van afscheid nemen wordt niet minder, maar wel gebalanceerd door ons mooie vooruitzicht, waar ik me dan ook vol overgave aan vastklamp: samen met man en kind naar een oord waar het altijd zo’n 25 graden is, waar manlief lekker de tijd kan nemen om te bedenken wat hij graag wil doen in het leven, om mijn droomonderzoek te gaan doen met geweldige, briljante, goede en ook nog eens leuke collega’s, op scholen waarvan de district leader zich ‘vereerd voelt’ dat er een Nederlandse onderzoekster speciaal naar Amerika komt om op zijn scholen onderzoek te doen… Als je het zo schetst, zou ik ervoor tekenen! Toen en nu. Geen seconde twijfel. Gaan! Doen!

En dus gaan we maar door. Dozen, dozen, dozen. Marktplaats, bedankt dat je bestaat! En onze ouders, onze ouders… Bedankt dat jullie je zolders, garages, kelders en harten vol openzetten om ons in deze rare periode te steunen. We weten dat het voor jullie niet makkelijk is om je kinderen en kleinkind te zien vertrekken naar de andere kant van de wereld. Toch hebben jullie dat nooit laten horen, in tegendeel, de boodschap was duidelijk: “Ga! Doe! Geniet!” Gelukkig zijn jullie plannen al gemaakt, de tickets geboekt – en we kijken er nu al naar uit om jullie ons nieuwe thuis te laten zien. Dat geldt ook voor alle vrienden die het inmiddels al hebben laten weten: “als het even kan, komen we langs!” Die ene zin, die intentie, die geeft het laatste zetje: we gaan, maar nemen jullie in ons hart mee en weten dat, als we terugkomen, toch alles hetzelfde zal zijn. Op een andere manier misschien, maar toch in essentie hetzelfde. Je ‘thuis’ voelen. En daar gaat het om.

En in de tussentijd? Joh… Er is Skype en Viber voor direct en gratis (video)contact, LinkedIn en Academia.edu om ons werk te volgen, Facebook voor de dagelijkse beslommeringen en dit blog voor al onze ervaringen. Ik weet niet hoe vaak ik een bericht zal posten, maar ik ga mijn best doen en vind het leuk om jullie op deze manier op de hoogte te houden.

Nu nog even aftellen tot 1 april, wanneer ons ‘gewone’ leventje in San Diego zal beginnen… En daarna gaan we gewoon aftellen naar 31 december 2014, wanneer we volgens de planning weer terug zullen komen. Tellen jullie mee?

Alle liefs,

Nienke